Rasinfo: De Bengaalse kat
Herkomst van de Bengaalse Kat
De Bengaalse kat is afkomstig van een kruising van de huiskat en de Bengaalse tijger kat.
De eerste gefokte kruisingen zijn ontstaan in de Verenigde Staten rond de jaren 60.
Rond 1980-1982 werd het ras officieel erkend door The International Cat Association (TICA) en pas eind jaren 90 door de Fédération Internationale Féline (FIFe).
De Bengaal is een zeer populair ras in de Verenigde Staten en kent ondertussen ook in de Benelux een snel groeiende populariteit.
Karakter van de Bengaalse Kat
De Bengaalse kat is een vriendelijke, nieuwsgierige en intelligente kat. De laatste twee eigenschappen heeft de Bengaalse kat geërfd van zijn wilde voorvader. De Bengaalse kat is in tegenstelling tot vele andere katten dol op water. Deze eigenschap is waarschijnlijk ook door de voorvader doorgegeven.
Bengaalse katten zijn gek op aandacht en zijn daarom ook erg speels. Ook kunnen ze zichzelf goed bezighouden. Toch zijn de meeste Bengaalse geen schootkatten. Kopjes geven en spelen is genoeg voor ze. Ze gaan liever achter een vliegje aan dan bij je op schoot te zitten.
Deze katten zitten graag op hoge plekken en daar komen ze zo met hun behendige lichaam. Ze kunnen heel erg ver springen. Ze vinden het leuk om alles vanuit een hoge plek alles in de gaten te houden. Dit kan ook je schouder betekenen.
Dit ras gaat ook goed samen met andere katten, maar dan het liefst ook actieve katten. Honden in huis is over het algemeen ook geen probleem. Ook past een bengaal zich snel aan, bijvoorbeeld aan nieuwe huisdieren of een andere omgeving.
Veel Bengaalse katten worden, net als vele andere raskatten, binnengehouden. Dit kan mits er veel speelmogelijkheden zijn en een grote ren buiten is.
Uiterlijk van de Bengaalse Kat
De vacht van de Bengaalse kat is dik, glad en voelt enorm zacht aan.
De kop is in verhouding met de rest van het lichaam klein.
De ogen zijn groot en amandelvormig. Rond de ogen zit een zwarte kring.
Hun oren zijn klein en naar voren gericht.
De staart is gemiddelde lengte en heeft aan het einde zwarte ringen.
Het lichaam is over het algemeen vrij lang en gespierd. De achterpoten zijn iets langer dan de voorpoten en alle poten hebben zwarte voetzolen.
Kleuren:
Bruin, seal lynx point en sepia seal mink tabby
Vachtpatronen:
Gevlekt: (Tabby Spotted) duidelijk contrasterende spots. De vacht behoort spots op de buik een duidelijke M op het voorhoofd en ringen rond de staart te vertonen.
Gemarmerd: (Tabby Marble) langgerekt patroon. Duidelijk contrast en helder patroon.
Bij de gevlekte Bengaalse kat kan er sprake zijn van rozetten in het vachtpatroon.
Rozetten zijn vlekken waarvan een gedeelte van die vlek een warmere kleur heeft. Er zijn Dougnetrozetten en schaduwrozetten. Bij de Dougnetrozetten bevindt het warmer gekleurde gedeelte zich in het midden van de vlek. Bij schaduwrozetten zit de warmere kleur aan de zijkant van de vlek.
Stromingen: Black Tabby en de Sneeuwbengaal
De gemarmerde Bengaalse kat heeft een vachtpatroon bestaand uit brede horizontale strepen.
De Black Tabby is de traditionele kleur van de Bengaal. Deze kleur is ook dominant. Het andere kleurpatroon Sneeuwbengaal ontstaat alleen wanneer beide ouders het recessieve gen meegeven.
Een Sneeuwbengaal is in drie soorten te verdelen: seal mink, seal sepia en de seal linx.
De Seal Mink heeft één van de twee vachtpatronen op een witte ondergrond. De ogen zijn blauw of groen. Deze kat heeft één gen van de Burmese kat en één van de Siamese kat.
De Seal Sepia heeft één van de twee vachtpatronen op een witte ondergrond. De ogen zijn goudkleurig. Deze kat heeft twee genen van de Burmese kat.
De Seal Linx heeft één van de twee vachtpatronen op een witte ondergrond. De ogen zijn blauw. Deze kat heeft twee genen van de Siamese kat.
Verzorging van de Bengaalse Kat
De Bengaalse kat heeft niet veel verzorging nodig, alleen veel aandacht en voldoende voedsel. Vachtverzorging is ook bijna niet nodig, het wordt soms wel eens afgeraden, aangezien de dieren zich zelf goed schoonmaken.




.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)